In haar boek 'Digital Empires' beschrijft Anu Bradford hoe de digitale wereld vandaag wordt gedomineerd door drie machtsblokken: de Verenigde Staten, China en Europa. Elk van die 'digitale imperia' organiseert technologie volgens een eigen logica. In de Verenigde Staten bepaalt de markt, met dominante platformbedrijven als motor. In China stuurt de staat het digitale ecosysteem centraal aan. Europa kiest een derde weg: technologie organiseren rond regels, publieke waarden en democratische controle.

Europa wordt vaak verweten dat het geen eigen Big Tech heeft. Maar Bradford wijst op een ander machtsinstrument: regelgeving. Via instrumenten zoals GDPR, de Digital Markets Act en de Digital Services Act bepaalt Europa steeds vaker de spelregels van de digitale economie. Dat zogeheten 'Brussels Effect' zorgt ervoor dat technologiebedrijven hun producten wereldwijd aanpassen aan Europese normen.

Soms vertaalt die regulerende kracht zich ook in zeer concrete beslissingen. Een goed voorbeeld is de Europese verplichting dat alle nieuwe smartphones en elektronische toestellen vanaf 2024 moeten werken met één standaardoplader, de USB-C connector. Met die beslissing heeft de Europese Unie niet alleen een einde gemaakt aan een jungle van incompatibele laders, maar ook miljarden euro’s aan consumentenkosten en tonnen elektronisch afval bespaard. Het illustreert dat Brussel, wanneer het wil, wel degelijk daadkrachtige technologische standaarden kan opleggen aan een wereldwijde industrie.

Maar regelgeving alleen volstaat niet. Europa blijft immers sterk afhankelijk van Amerikaanse technologiebedrijven voor cloud, softwareplatformen en digitale infrastructuur. Wie werkelijk digitale soevereiniteit wil, moet dus niet alleen regels maken, maar ook eigen digitale infrastructuur bouwen. Daar ligt een belangrijke strategische opdracht voor Europa én voor Vlaanderen.

Vanuit mijn rol als bestuurder bij Cullen International zie ik dagelijks hoe cruciaal regelgeving en governance zijn voor goed functionerende digitale markten. Cullen International, gevestigd in Brussel, is al vier decennia een referentie voor regulatory intelligence in telecom, media, digitale platformen en de data economie. Het bedrijf ondersteunt beleidsmakers, regulatoren en internationale technologiebedrijven met diepgaande analyses van Europese regelgeving en marktontwikkelingen. Hoewel het in Vlaanderen relatief onbekend is, geldt het in Brussel als de marktleider in regulatory intelligence. Dit jaar viert het bedrijf bovendien zijn 40 jarig bestaan, een symbolische mijlpaal voor een organisatie die al sinds de beginjaren van de Europese telecomliberalisering het beleid van nabij volgt en duidt.

Regelgeving is echter slechts één kant van de medaille. Naast sterke governance moet Europa ook investeren in digitale ecosystemen waarin publieke en private spelers samenwerken rond gedeelde infrastructuur.

Dat is precies de ambitie achter Civios, waarvan ik medeoprichter ben. Civios wil een open digitaal platform ontwikkelen dat lokale besturen, bedrijven en burgers verbindt via gedeelde data architecturen en interoperabele diensten. In essentie gaat het om een soort 'Civilian Operating System': een digitale infrastructuur waarop publieke dienstverlening kan draaien zonder afhankelijk te zijn van één dominante leverancier.

Cruciaal daarbij is samenwerking binnen het Vlaamse digitale ecosysteem. Civios zoekt daarom expliciet aansluiting bij initiatieven van Digitaal Vlaanderen en data infrastructuren zoals Athumi. Door publieke digitale infrastructuur, data uitwisseling en platformdiensten beter op elkaar af te stemmen, kunnen we schaal creëren en innovatie versnellen.

De echte uitdaging voor Europa ligt immers niet in het bouwen van een nieuwe Google, maar in het organiseren van digitale ecosystemen die publieke waarde creëren. Dat betekent investeren in gedeelde infrastructuur, open standaarden en platformen waarop overheden, bedrijven en burgers kunnen samenwerken. De strijd om digitale macht wordt niet alleen beslist door technologie, maar door de manier waarop samenlevingen hun digitale infrastructuur organiseren. Wie de digitale rails bouwt, bepaalt uiteindelijk hoe de digitale economie rijdt.

Europa heeft dus wel degelijk een alternatief model voor de digitale wereldorde. Maar dat model moet niet alleen worden gereguleerd — het moet ook worden gebouwd.

Bruno Segers
CEO (waarnemend) | CIVIOS bv
bestuurder | Cullen International